Hoe zorgen we dat grote investeringen ook echt leiden tot duurzame impact voor Nederland? Die vraag stond centraal tijdens het Jaarevent Nationaal Groeifonds 2026. De eerste resultaten zijn er, maar dat is pas het begin. Projecten, beleidsmakers en partners kwamen samen om te bespreken wat er nodig is voor de volgende fase. De rode draad van de dag was helder: het Nationaal Groeifonds is springlevend, maar impact vraagt om lef, tempo en blijvende focus.

Jaarevent Nationaal Groeifonds 2026 in de Tolhuistuin
Ingrid Thijssen: ‘Maak snelheid en laat resultaten zien’
Voorzitter Ingrid Thijssen benadrukte in haar bijdrage het belang van het Nationaal Groeifonds voor de toekomstige welvaart en het verdienvermogen van Nederland. Juist nu veiligheid, onafhankelijkheid en concurrentiekracht onder druk staan, is het fonds volgens haar een heel belangrijk instrument.
De eerste resultaten worden zichtbaar. Daarom is het zaak om door te pakken, zeker bij technologieontwikkeling, waar de wereld snel beweegt. Haar advies aan de projecten was duidelijk: blijf niet te stil. Laat zien welke resultaten worden geboekt en communiceer daar helder over. Dat is belangrijk voor het draagvlak in de samenleving én in de politiek. “Laat jezelf zien, maar wel met échte resultaten!”, gaf Thijssen mee.

Nationaal Groeifonds voorzitter Ingrid Thijssen 
Paneldiscussie met Nationaal Groeifondsprojecten
Panelgesprek: bijsturen, versnellen en doorpakken
In een panelgesprek schetsten drie sprekers, elk vanuit hun eigen ervaring, wat er nodig is om impact te maken.
Roos Vermeij, directeur LLO-Katalysator, wees op de kracht van kleine stappen. Verandering gaat volgens haar via ‘kleine revoluties’: geleidelijk, maar gericht. Inmiddels zijn alle publieke onderwijsinstellingen bij 1 of meer van de ruim 100 LLO-katalysatorprojecten betrokken. Haar belangrijkste inzicht: programma’s moeten durven bijsturen als de praktijk om andere keuzes vraagt. Die ruimte om te leren en aan te passen is een van de sterkste kanten van het Nationaal Groeifonds.
Conny Helder, voorzitter Raad van Toezicht van RegMed XB, benadrukte dat innovatie tijd kost. Consortia bouwen, de juiste mensen vinden en kennis vasthouden gaat niet vanzelf. Daarvoor zijn duurzame financiering en betere verbindingen tussen de academische wereld en het bedrijfsleven nodig. Die verbinding begint al in het onderwijs. Een goed voorbeeld van samenwerking tussen Nationaal Groeifondsprojecten is dat 8 consortia in het zorg en life science domein het afgelopen jaar de krachten hebben gebundeld. De ontwikkelingen rond de draagbare kunstnier zijn een krachtig voorbeeld van hoe publiek-private samenwerking en investeringen vanuit het Nationaal Groeifonds bijdragen aan het vormen van een ecosysteem voor innovatie.
Johan Feenstra, CEO van SMART Photonics (onderdeel van PhotonDelta), maakte duidelijk hoe belangrijk de volgende stap in fotonica is. Na decennia van investeren in technologie en ecosystemen moet nu de stap naar productie worden gezet. De eerste fotonische chipsfabriek in Eindhoven is daarin cruciaal. Die wordt mede door de flexibiliteit en het commitment van het Nationaal Groeifonds nu gebouwd. Feenstra wees ook op een concrete belemmering: Europese regelgeving rond “ondernemingen in moeilijkheden” maakt groeibedrijven in een intensieve investeringsfase moeilijk financierbaar. Zijn oproep: pak zulke knelpunten aan.

Themasessie Human Capital: Talent als motor van vernieuwing 
Themasessie: In gesprek met adviescomissieleden Derek Roos en Sven Smit
Economische context en de kracht van het verhaal
Keynotespreker Marieke Blom, Chief Economist bij ING en voormalig lid van de adviescommissie, plaatste het fonds in een breder perspectief. Europa heeft structureel minder schaal dan de Verenigde Staten, een ongunstige demografie en kwetsbaarheden op het gebied van energie, technologie en handel. Nederland doet het economisch relatief goed, maar het is belangrijk om scherp te blijven op wat nodig is voor de toekomst.
Blom riep projecten op om twee dingen te doen. Benoem welke regelgeving nodig is om nieuwe markten te laten groeien. En vertel het verhaal van wat je doet: eenvoudig, concreet en voor een breed publiek. Niet in technisch jargon, maar in termen die mensen raken. Welke impact hebben de activiteiten van een project voor de inwoners van Nederland?

Marieke Blom, Chief Economist bij ING en voormalig lid van de adviescommissie 
Het slotwoord van Jakob van der Waarden en Nicole Stolk-Luyten
Het Nationaal Groeifonds als breekijzer voor beleid en uitvoering
De ontmoetingen tussen projecten bleken minstens zo waardevol als de inhoudelijke sessies. Contacten met andere consortia en met de betrokken departementen en uitvoerders leverden nieuwe ideeën en samenwerkingsinitiatieven op. Deelnemers noemden het Nationaal Groeifonds een breekijzer: een instrument dat beweging mogelijk maakt in sectoren waar verandering normaal traag gaat.
Nationaal Groeifonds directeur Jakob van der Waarden sloot af met de oproep aan projecten om zichzelf niet te klein te maken. Wie aanloopt tegen beleid dat innovatie vertraagt, moet dat terugkoppelen aan het verantwoordelijke departement. Zo kan het fonds niet alleen projecten financieren, maar ook bijdragen aan betere randvoorwaarden voor innovatie.
Nicole Stolk-Luyten, adviescommissielid van het Nationaal Groeifonds, bracht het samen in één zin: van ego naar eco. Nederland is groot genoeg voor slagkracht en klein genoeg om elkaar te kennen. Die combinatie biedt kansen voor onderwijs, talentontwikkeling en samenwerking.

Inspirerende ontmoetingen tijdens de lunch 
Nieuwe verbindingen tijdens de netwerkborrel
Samen verder
De opdracht voor de komende jaren is helder: blijf prioriteren, blijf bijsturen, houd tempo en denk na over borging. Duurzame impact vraagt om inbedding in ecosystemen, beleid, onderwijs, marktontwikkeling en internationale samenwerking.
Zo laat het Nationaal Groeifonds zien wat mogelijk is als Nederland groot durft te denken én samen blijft werken aan uitvoering. De boodschap van de dag: houd snelheid, toon lef en laat zien welke toekomst we samen aan het bouwen zijn.