Doel Nationaal Groeifonds

Het Nationaal Groeifonds investeert in projecten die een zo groot mogelijke bijdrage leveren aan duurzame en structurele economische groei. Dit doet het Nationaal Groeifonds samen met initiatiefnemers en andere investeerders. Met het Nationaal Groeifonds trekt het kabinet tussen 2021 en 2025 € 20 miljard uit voor projecten.

Also watch the video about the National Growth Fund in English.

Het gaat om gerichte investeringen op 2 terreinen waar de meeste kansen aanwezig zijn voor structurele en duurzame economische groei: Kennisontwikkeling en Onderzoek, ontwikkeling en innovatie. De schematische weergave van de terreinen en bijbehorende thema's ziet u onderaan deze pagina weergegeven.

Belang Nationaal Groeifonds

Nederland staat voor grote opgaven. Onze productie groeit minder snel dan voorheen. Onze bevolking vergrijst. Andere landen worden met de dag concurrerender. Daarnaast moeten we maatregelen nemen tegen klimaatverandering. Verschillende transities zorgen voor uitdagingen, maar bieden ook talloze nieuwe kansen. Welvaart lijkt zo vanzelfsprekend, maar dat is het niet. We moeten continu werken aan het versterken van onze economie, zodat wij een aantrekkelijk land blijven om in te leven en te ondernemen. Op vele plekken werken mensen samen aan projecten die vernieuwing mogelijk maken, waar zaken verbeterd worden. Nederland heeft op vele vlakken een sterke basis voor kennisontwikkeling en innovaties. Het Nationaal Groeifonds investeert in projecten die een zo groot mogelijke bijdrage leveren aan het duurzame verdienvermogen van Nederland.

Veel potentie

De projecten waarin het Nationaal Groeifonds investeert zijn niet alleen goed voor het milieu, maar ook voor de economie en de maatschappij als geheel. Ze hebben de potentie om banen te creëren, de kwaliteit van leven te verbeteren en ons land te versterken op het wereldtoneel. Het Nationaal Groeifonds investeert in projecten die bijdragen aan onder andere de energietransitie, de digitalisering van de economie, de gezondheidszorg, onderwijs en de ontwikkeling van kennis en innovatie. Als we kijken naar de projecten die al zijn goedgekeurd, zien we dat het brede portfolio van het Nationaal Groeifonds enorm veel potentie heeft. Zo wordt er geïnvesteerd in onderzoek naar waterstoftechnologie, de ontwikkeling van slimme en duurzame steden, maar ook de versterking van het Nederlandse cybersecurity-netwerk. Dit zijn stuk voor stuk projecten die onze toekomst veiliger, duurzamer en welvarender maken.

Kennisontwikkeling en Onderzoek, ontwikkeling en innovatie

Het Nationaal Groeifonds investeert in projecten op 2 terreinen: Kennisontwikkeling en Onderzoek, ontwikkeling en innovatie (R&D en Innovatie). 

Kennisontwikkeling

Bij het terrein Kennisontwikkeling gaat het over kansen die er liggen om te investeren in onderwijs en het leren van vaardigheden. Investeren in menselijk kapitaal leidt tot economische groei. Bijvoorbeeld doordat mensen door het opdoen van kennis betere diensten en producten kunnen maken, die meer geld opleveren. 

Onderzoek, ontwikkeling en innovatie (R&D en Innovatie)

Bij het terrein Onderzoek, ontwikkeling en innovatie zijn er kansen voor economische groei en die het Nationaal Groeifonds met initiatiefnemers wil verzilveren. Binnen onderzoek, ontwikkeling en innovatie valt onder andere fundamenteel onderzoek, doorontwikkeling van nieuwe technologieën of ideeën. 

Terrein Infrastructuur (vanaf 2022 vervallen)

Het Nationaal Groeifonds is aanvankelijk gestart met 3 terreinen. Infrastructuur was een terrein waarop voorstellen zijn ingediend. Dit waren infrastructurele projecten in brede zin. Bijvoorbeeld waterinfrastructuur, spoor, digitale infrastructuur en energie-infrastructuur. Begin 2022 is bij de totstandkoming van het regeerakkoord afgesproken om deze pijler uit het Nationaal Groeifonds te halen en de 3 projecten over te hevelen naar het Mobiliteitsfonds. 

Onafhankelijke adviescommissie

Het Nationaal Groeifonds is een initiatief van de ministeries van Economische Zaken en Klimaat en Financiën. Zij beheren gezamenlijk het fonds namens het kabinet. Er is een onafhankelijke commissie ingesteld die de projecten beoordeelt en adviezen geeft.

Effecten en maatschappelijke gevolgen

Alle projecten die geld ontvangen uit het Nationaal Groeifonds zijn zorgvuldig beoordeeld door de commissie. De commissie kijkt ook naar het effect op de duurzame groei van de Nederlandse economie en weegt de maatschappelijke voor- en nadelen. De commissie wordt in al haar werk ondersteund door medewerkers van de Stafdirectie Nationaal Groeifonds en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Daarnaast consulteert de commissie verschillende externe experts.  

Het kabinet beslist

Bij een positief advies van de commissie besluit het kabinet in de departementale route of de projecten geld ontvangen. Vervolgens wordt dit voorgelegd aan de Staten Generaal (Tweede en Eerste Kamer) ter goedkeuring in het kader van het budgetrecht.

Wat gebeurt er na de beslissing bij de departementale route?

Bij de departementale route geldt dat projecten een (voorwaardelijke) toekenning of een reservering kunnen krijgen. Bij voorwaardelijke toekenning worden de middelen pas overgeheveld aan het departement (ministerie) als aan specifieke voorwaarden is voldaan. Bij een reservering nodigt de adviescommissie het departement uit om een verbeterd plan in te dienen. Zodra het verbeterd plan is ingediend, brengt de commissie opnieuw advies uit aan het kabinet. Uiteindelijk besluit het kabinet of een project het geld krijgt toegekend. 

Wat gebeurt er na de beslissing bij de subsidieroute?

Bij de subsidieroute beslist de minister van Economische Zaken en Klimaat of de projecten direct geld ontvangen. Bij volledige subsidieaanvragen beoordeelt de adviescommissie of er voldoende vertrouwen bestaat dat het voorstel direct of indirect bijdraagt aan vergroting van het duurzaam verdienvermogen en tot een positief saldo van maatschappelijke baten en lasten zal leiden. Wanneer er voldoende vertrouwen is in de realisatie van de voorgestelde vergroting van het duurzaam verdienvermogen, gaat RVO namens de minister over tot verlening van de subsidie. De subsidieaanvragen worden daarbij op volgorde van binnenkomst beoordeeld. 

Nadat het kabinet of de minister besloten hebben om in projecten te investeren, houdt de commissie ook de voortgang van die investering bij. Ook legt de commissie verantwoording af over haar werkzaamheden.